richting van de aanleuning

Weet jij wat de richting van een goede aanleuning is?

Ik mag mezelf gelukkig prijzen met het werk wat ik doe en dat ik daarmee hele interessante dingen te horen krijg over het trainen van je paard.

Één van die dingen, wat misschien wel één van mijn grootste aha-momenten van de laatste tijd is, hoorde ik laatst van Rien van der Schaft.

Het gaat over de richting van de aanleuning.

‘Richting van de aanleuning?’ hoor ik je zeggen? Is er iets als een richting van de aanleuning?

Yep.

En het is heel belangrijk dat je als (dressuur)ruiter weet wat daarmee bedoeld wordt.

En wat die richting te allen tijde hoort te zijn.

Nou, ik zal maar gelijk met de deur in huis vallen.

De aanleuning moet altijd, op elk moment, in elke fase van de africhting, een voorwaarts-neerwaartse richting hebben.

Als jij je handen opent, moet je paard zijn hoofd in een voorwaarts-neerwaartse richting willen bewegen.

Dat betekent niet dat je paard met een voorwaarts-neerwaartse houding moet lopen, maar het betekent dat als jij je handen opent, je paard ervoor kiest om zijn hoofd in een voorwaarts-neerwaartse richting te bewegen.

Dit geldt voor zowel voor jonge paarden als voor paarden die Grand Prix lopen.

Het heeft dus geen betrekking op het evenwicht waarin je paard loopt en, daarbij behorend, in welke mate van oprichting het paard loopt.

Dus ook als je paard in verzameling loopt en je rijdt passage of je rijdt een uitgestrekte draf, op het moment dat jij je handen opent, zal je paard na enkele passen de hand in een voorwaarts-neerwaartse richting moeten willen opzoeken.

richting van de aanleuning

Dat geldt ook voor de situatie dat je nog maar net met verzameling bezig bent en je rijdt schouderbinnenwaarts of een tempowisseling.

Als jij je handen opent, moet je paard zijn hoofd in een voorwaarts-neerwaartse richting willen bewegen.

Als je paard dat niet doet en bijvoorbeeld juist tegen de hand komt en zich juist meer wilt opdrukken, dan weet je dat je de aanleuning niet voldoende voor elkaar hebt.

Het is dus een hele mooie check die je bij je paard kunt uitvoeren.

Dan is er ook nog zoiets als de richting van de impuls.

De richting van de impuls bij een jong paard is voorwaarts-neerwaarts.

Als je namelijk activiteit opwekt, zal die energie vooral omgezet worden in een voorwaarts, neerwaartse richting.

Maar naarmate je verder komt in de africhting verandert de richting van de impuls wél.

Waar de richting van de aanleuning altijd voorwaarts-neerwaarts hoort te zijn, verandert de richting van de impuls naarmate je paard meer en meer gewicht van de voorhand gaat overhevelen naar de achterhand.

De richting van de impuls gaat van voorwaarts-neerwaarts, naar horizontaal en uiteindelijk, in het geval van verzameling, krijgt de impuls zelfs een meer opwaartse richting.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *